De grote storm van 1865

The Great Gale of 1865, Otto Landsberg, 1865.

Op woensdag 17 mei 1865 werd Kaapstad getroffen door een van de meest verwoestende stormen uit de geschiedenis van de stad. De storm kwam in de vroege uren opzetten vanuit het noordwesten. In de Tafelbaai lagen op dat moment drie stoomschepen, 25 zeilschepen en een groot aantal kleinere boten. Rond 9 uur ’s ochtends viel het eerste dodelijke slachtoffer. Een agent van de waterpolitie verdronk toen zijn sloep omsloeg. Kort daarop verbrijzelden de golven de vrachtboot Stag die was uitgevaren om een van de schepen in de baai te voorzien van een extra anker. Slechts twee van de veertien bemanningsleden konden worden opgepikt uit de woeste zee.

Lees verder “De grote storm van 1865”

De Bo-Kaap tijdens de Tweede Wereldoorlog

Cricket in de Kortmarkstraat.

De Bo-Kaap is een schilderachtige wijk op de helling van de Seinheuwel boven het centrum van Kaapstad. De wijk staat vooral bekend om de felgekleurde huizen in Kaaps-Hollandse en georgiaanse stijl, de steile geplaveide straten en de moskeeën met hun sierlijke minaretten. Een groot deel van de huizen werd tussen 1760 en 1840 gebouwd. De meeste inwoners zijn Kaapse Maleiers, moslims die afstammen van slaven uit Azië die door de VOC naar de Kaap waren gebracht. De wijk heette officieel dan ook lange tijd de Maleierbuurt of de Malay Quarter. De bewoners spraken altijd al van de Bo-Kaap.

Lees verder “De Bo-Kaap tijdens de Tweede Wereldoorlog”

De Kloofstraat in 1853

Kloof Street, Thomas Bowler, 1853, Iziko South African National Gallery.

Thomas William Bowler was de meest productieve schilder van landschappen en stadsgezichten in de negentiende eeuw in Zuid-Afrika. Hij was vooral actief in en rond Kaapstad. De kopafbeelding van deze website is een van zijn vele gezichten op de Tafelbaai en de Tafelberg. De Kloofstraat met de Tafelbaai op de achtergrond was ook een geliefd onderwerp van hem. Hij schilderde het tafereel minstens drie keer. De hier getoonde aquarel dateert uit 1853.

Lees verder “De Kloofstraat in 1853”

Virusbestrijding aan de Kaap in 1755

Plattegrond van Kaapstad, Carl David Wentzel, 1760, Nationaal Archief, 4.VEL 837.

Na de verwoestende pokkenepidemie van 1713 bleef de Kaap lange tijd gevrijwaard van grootschalige uitbraken van besmettelijke ziekten. In 1755 was het echter opnieuw raak. Met een van de retourschepen van de VOC werden de pokken in april meegebracht van Ceylon. De slaven van de burger Jan de Waal, die in de buurt van het strand werkten, raakten als eersten besmet. Aangezien de meeste slaven in de huizen van hun eigenaars woonden, sloeg het virus binnen de kortste keren over op de burgerbevolking. Halverwege mei had het virus zich over de hele stad verspreid. De ziekte dook vervolgens ook op in binnenland van de kolonie.

Lees verder “Virusbestrijding aan de Kaap in 1755”

Albrecht Herport, een Zwitserse soldaat aan de Kaap

Gezicht op de Kaap uit “Eine kurtze Ost-Indianische Reiß-Beschreibung” van Albrecht Herport.

De Verenigde Oost-Indische Compagnie was een van de grootste werkgevers in de Republiek. Het bedrijf had duizenden mensen in dienst in Nederland en de overzeese bezittingen. Die mensen kwamen niet allemaal uit Nederland. Ongeveer de helft van het personeel kwam uit het buitenland. Met name het Duitstalige gebied leverde veel VOC-dienaren. Een van hen was Albrecht Herport (1641-1730) uit het Zwitserse Bern. In het boek Eine Kurtze Ost-Indianische Reiß-Beschreibung, uitgegeven in 1669 in Bern, schreef hij over zijn tijd bij de VOC.

Lees verder “Albrecht Herport, een Zwitserse soldaat aan de Kaap”

Het London Hotel

Het London Hotel, anonieme kunstenaar, ca. 1850, William Fehr Collection.

In de jaren tachtig van de achttiende eeuw raakte neoclassicistische architectuur in zwang in Kaapstad. De frivole krullen van de barok en de rococo maakten plaats voor pilasters en strakke kroonlijsten. In deze overgangsperiode ontstonden ook de zogeheten dakkamers. Dit waren kamers die boven op de platte daken van stadswoningen werden gebouwd. Er wordt wel beweerd dat ze dienden als uitzichtpunt om de komst van schepen in de baai waar te nemen, maar lang niet alle dakkamers waren op de zee gericht. In totaal werden er een stuk of twaalf huizen gebouwd met een dakkamer. Tegenwoordig zijn er nog twee huizen met een dakkamer: het Martin Melckhuis en het gereconstrueerde Rozenhof. Een van de mooiste verdwenen dakkamerhuizen was het London Hotel aan de Langmarkstraat, vlak bij het Groentemarkplein.

Lees verder “Het London Hotel”

District Six door de lens van Harold Scheub

Richmond Street in de richting van de Tafelbaai.

Pal ten oosten van het centrum van Kaapstad lag ooit het bruisende District Six. De wijk ontstond in de eerste helft van de negentiende eeuw. Aanvankelijk woonden er vooral bevrijde slaven. In de loop der jaren ontwikkelde het gebied zich tot een dichtbevolkte volkswijk. De meeste inwoners waren kleurlingen, maar in de raciaal gemengde wijk woonden ook zwarte, witte en Indiase Zuid-Afrikanen. Veel inwoners werkten in het centrum of in de nabijgelegen haven.

Lees verder “District Six door de lens van Harold Scheub”

Kaapstad onder water

Winkelmedewerkers proberen het water buiten te houden bij Cleghorn & Harris aan de Adderleystraat.

De ellende begon op 23 juni 1904 rond het middaguur. Zware regenbuien veranderden de straten van Kaapstad in rivieren. Vanuit de hoger gelegen wijk Gardens op de helling van de Tafelberg stroomde een muur van modderig water naar beneden richting het centrum van de stad. Op sommige plekken bereikte het water een hoogte van bijna een meter. De bewoners van een huis op de hoek van de Glynnstraat en de Buitenkantstraat konden ternauwernood worden gered uit hun volgelopen huis. ’s Avonds bleven stortbuien de stad teisteren en begon het te onweren. De volgende dag braken de wolken open. Op de Tafelberg waren prachtige watervallen zichtbaar.

Lees verder “Kaapstad onder water”

Een Oranjeprins in Kaapstad

Willem Frederik Hendrik (1820-1879), prins der Nederlanden, door J.B. van Hulst, 1836, Stichting Historische Verzamelingen van het Huis Oranje Nassau, Den Haag.

Op zondag 6 mei 1838 ging het Nederlandse fregat Bellona onder het gebulder van 21 saluutschoten voor anker in de Simonsbaai. Aan boord bevond zich prins Hendrik, de derde zoon van de latere koning Willem II en Anna Paulowna. Vergezeld door Nederlandse en Britse officieren reed hij op 9 mei in een open rijtuig van Simonstad naar Kaapstad. Daar stonden de straten en de pleinen vol met toeschouwers. Vanwege de afwezigheid van gouverneur George Thomas Napier, die op reis was in het binnenland van de kolonie, verbleef de prins niet in het gouvernementshuis, maar in het vroegere logement van de weduwe De Wit. Voor haar huis wachtte een militaire erewacht hem op. Een muziekkorps speelde het God Save the King en van alle kanten klonk een luid “hoezee!” toen hij uit het rijtuig stapte.

Lees verder “Een Oranjeprins in Kaapstad”

Imhoff’s Gift

Het voormalige woonhuis op Imhoff’s Gift, nu het Blue Water Café.

Na de noordwesterstorm van 21 mei 1737 kwamen de Heren Zeventien eindelijk in beweging. Van de retourvloot die voor anker lag in de Tafelbaai waren acht van de tien schepen gezonken. Dit was de zoveelste storm die een ravage aanrichtte in de Tafelbaai. De Heren Zeventien besloten dat VOC-schepen voortaan ’s winters voor anker moesten gaan in de Simonsbaai, aan de andere kant van het Kaapse Schiereiland. Daar hadden ze minder last van de noordwesterstormen.

Lees verder “Imhoff’s Gift”

De schipbreuk van de Vis

De schipbreuk van de Vis, Jürgen Leeuwenberg, 1740, National Library of South Africa.

“Brand! Brand!”, riep een van de matrozen op de uitkijk. “Waar is brand?”, schreeuwde de stuurman, maar voordat de matroos kon antwoorden waar hij de branding zag, liep het VOC-fluitschip Vis op de rotsen van Groenpunt, iets ten westen van de plaats waar nu de vuurtoren staat. Tegen alle richtlijnen in had de schipper van de Vis in de nacht van 5 op 6 mei 1740 geprobeerd de Tafelbaai binnen te varen. Hij had het licht van de nieuwe batterij in Drieankerbaai aangezien voor het vertrouwde vuursignaal op Robbeneiland. Het schip was in de duisternis recht op de kust afgevaren.

Lees verder “De schipbreuk van de Vis”

Een nieuw VOC-hospitaal in Kaapstad

Het hospitaal in aanbouw, ca. 1783, Library of Parliament, Kaapstad.

Eindelijk was het zover. Op 2 november 1772 legde gouverneur Joachim Ammema baron van Plettenberg de eerste steen van het nieuwe hospitaal van de VOC in Kaapstad. Het enorme gebouw dat ruimte moest bieden aan 1450 patiënten werd gebouwd ter vervanging van het oude hospitaal aan de Heerengracht uit 1699. Vanwege de hoge sterfte- en ziektecijfers aan boord van VOC-schepen was het een van de belangrijkste gebouwen van de Kaapse verversingspost. De bouw van het nieuwe hospitaal ontwikkelde zich echter tot een gigantisch hoofdpijndossier voor het Kaapse bestuur.

Lees verder “Een nieuw VOC-hospitaal in Kaapstad”

City Hall, Cape Town 1917

City Hall, Cape Town 1917, Robert Gwelo Goodman, Iziko South African National Gallery.

Robert Gwelo Goodman (1871-1939) was een van de grootste Zuid-Afrikaanse schilders. Hij behoorde tot de zogeheten Kaapse impressionisten die begin twintigste eeuw werkzaam waren in Kaapstad. Zijn stijl toont invloeden van het Franse impressionisme en pointillisme, maar het ging hem meer om de weergave van het onderwerp dan om het vastleggen van het licht en de atmosfeer van het moment. Hij schilderde voornamelijk stadsgezichten, historische gebouwen, interieurs, landschappen en bloemen.

Lees verder “City Hall, Cape Town 1917”

De Kaapse pokkenepidemie van 1713

Khoikhoi tijdens een storm, Wouter Schouten, ca. 1660, National Library of South Africa.

Op 13 februari 1713 arriveerde vanuit Batavia de retourvloot van de Verenigde Oost-Indische Compagnie onder bevel van Johannes van Steeland in de Tafelbaai. Tijdens de zeereis hadden enkele opvarenden, onder wie de kinderen van Van Steeland, de pokken gehad, maar tegen de tijd dat de Kaap werd bereikt waren zij weer hersteld. Na aankomst werd hun kleding zoals gebruikelijk naar de slavenloge aan de Heerengracht gebracht om gewassen te worden. Binnen de kortste keren was een groot deel van de slaven ziek. Tijdens de daaropvolgende zes maanden overleden bijna tweehonderd van de vijfhonderdzeventig Compagniesslaven.

Lees verder “De Kaapse pokkenepidemie van 1713”

Een huis in Oranjezicht

Eind negentiende eeuw vond een herleving plaats van de Kaaps-Hollandse architectuur. De neo-Kaaps-Hollandse stijl greep terug op de kenmerkende gevels en andere decoratieve elementen van de oorspronkelijke stijl en paste die op een eigentijdse manier toe. Tot aan de Tweede Wereldoorlog was de bouwstijl bijzonder populair in Zuid-Afrika. Niet alleen overheidsgebouwen, treinstations en kerken werden voorzien van Kaaps-Hollandse gevels, maar ook particuliere woningen, zoals dit prachtige huis in Kaapstad dat recentelijk te koop stond voor R10.500.000 (ongeveer €540.000). Het staat op de hoek van de Alexandralaan en de Bo-Oranjestraat in Oranjezicht, een van de mooiste wijken van de stad. Met zijn holbolgevels, schuiframen met luiken en witgepleisterde muren is het een schoolvoorbeeld van de neo-Kaaps-Hollandse stijl.

Lees verder “Een huis in Oranjezicht”

Het standbeeld van Jan van Riebeeck

Jan van Riebeeck krijgt een wasbeurt, ca. 1920.

Toen de bovenstaande foto werd genomen stond het standbeeld van Jan van Riebeeck er al zo’n twintig jaar. De Brit Cecil John Rhodes schonk het standbeeld van de stichter van de Kaapkolonie aan Kaapstad. Hij betaalde de Schotse beeldhouwer John Tweed het grote bedrag van duizend pond voor het beeld. Rhodes koos voor een locatie aan het begin van de Adderleystraat, vlak bij de kustlijn. Van Riebeeck zou daar in 1652 voor het eerst voet aan wal hebben gezet.

Lees verder “Het standbeeld van Jan van Riebeeck”

Een Kaapse laan

Een Kaapse laan, Jacobus Hendrik Pierneef, 1929. Olieverf op hout, 54 x 66 cm.

Jacobus Hendrik Pierneef geldt als een van de grootste Zuid-Afrikaanse schilders van de twintigste eeuw. Hij schilderde dit gezicht op een Kaapse laan in 1929. Waarschijnlijk is het de Kerkstraat in Worcester met in de verte de Nederduitse Gereformeerde Kerk. De situatie komt overeen, maar Pierneef heeft zich enige artistieke vrijheden veroorloofd. Zo heeft de kerk in werkelijkheid een hogere toren en een dwarsbeuk.

Lees verder “Een Kaapse laan”

De Zeven Provinciën in de Unie van Zuid-Afrika

De Zeven Provinciën in de Tafelbaai met de Duiwelspiek op de achtergrond.

Op 8 januari 1911 arriveerde het gloednieuwe Nederlandse pantserschip De Zeven Provinciën in de Tafelbaai. Het schip week af van de gebruikelijke route naar Nederlands-Indië door het Suezkanaal om de Nederlandse regering te vertegenwoordigen bij de opening van het parlement van de nieuwe Unie van Zuid-Afrika. De unie was ontstaan op 31 mei 1910 door de samenvoeging van de vier Britse koloniën Kaapkolonie, Natal, Oranjerivierkolonie en Transvaal. De Zeven Provinciën kwam echter twee maanden te laat voor de opening van het parlement op 4 november 1910 vanwege de lange tijd die nodig was geweest om het schip gereed te maken voor zijn eerste verre zeereis.

Lees verder “De Zeven Provinciën in de Unie van Zuid-Afrika”

Met de trein naar Simonstad

Treinen rijden af en aan in Kaapstad. Het fraaie victoriaanse stationsgebouw uit 1875, links zichtbaar met de ronde overkapping, was rond 1900 al te klein. Het werd in de jaren zestig vervangen door een nieuw gebouw.

In 1862 werd de immense Kaapkolonie een stukje kleiner. Tussen Kaapstad en Eerste Rivier werd toen de eerste spoorlijn geopend. Al snel volgden er meer, zoals de spoorlijn tussen Kaapstad en Wynberg die in 1864 werd aangelegd. De spoorlijn naar Wynberg werd in 1883 doorgetrokken naar de kust van de Valsbaai bij Muizenberg. Een jaar later werd Kalkbaai bereikt en in 1890 werd het laatste deel van de lijn naar Simonstad geopend. Treinen waren sneller, comfortabeler en door de introductie van de eerste en tweede klas minder egalitair dan de oude paardenomnibussen waarin passagiers van alle rangen en standen door elkaar werden geschud.

Lees verder “Met de trein naar Simonstad”