De Zeven Provinciën in de Unie van Zuid-Afrika

De Zeven Provinciën in de Tafelbaai met de Duivelspiek op de achtergrond.

Op 8 januari 1911 arriveerde het gloednieuwe Nederlandse pantserschip De Zeven Provinciën in de Tafelbaai. Het schip week af van de gebruikelijke route naar Nederlands-Indië door het Suezkanaal om de Nederlandse regering te vertegenwoordigen bij de opening van het parlement van de nieuwe Unie van Zuid-Afrika. De unie was ontstaan op 31 mei 1910 door de samenvoeging van de vier Britse koloniën Kaapkolonie, Natal, Oranjerivierkolonie en Transvaal. De Zeven Provinciën kwam echter twee maanden te laat voor de opening van het parlement op 4 november 1910 vanwege de lange tijd die nodig was geweest om het schip gereed te maken voor zijn eerste verre zeereis.

De Zeven Provinciën aangemeerd in het Victoria Basin in de haven van Kaapstad.

Het bezoek van De Zeven Provinciën aan Zuid-Afrika was er niet minder feestelijk om. Het was lang geleden dat een schip van de Koninklijke Marine de voormalige Nederlandse kolonie had bezocht. De komst van kapitein-ter-zee Fritz Bauduin en zijn mannen werd daarom uitbundig gevierd, met name door de Nederlandse gemeenschap in Zuid-Afrika en Afrikaners die hun oude moederland een warm hart toedroegen.

Kapitein-ter-zee Fritz Bauduin en zijn mannen tijdens het planten van de Oranjeboom in de Compagniestuin in Kaapstad.

Na de hartelijke ontvangst in de haven van Kaapstad werd in de Compagniestuin in het bijzijn van de Nederlandse consul-generaal en Zuid-Afrikaanse hoogwaardigheidsbekleders een Oranjeboom geplant, waarvan de pitten waren gezaaid op de geboortedag van prinses Juliana. De bemanning van het schip nam ook deel aan een picknick in de tuin van Groote Schuur, de ambtswoning van premier Louis Botha, gevolgd door een “smoking concert”. Later nodigde Botha de officieren ook uit voor een diner op Groote Schuur. Na een receptie in het Mount Nelson Hotel en een kinderfeest aan boord van het schip lichtte De Zeven Provinciën op 17 januari het anker en zette koers naar Durban.

Officieren in ongedwongen samenzijn met hun Zuid-Afrikaanse gastheren en -vrouwen aan boord van De Zeven Provinciën.

Aangekomen in Durban stapten Bauduin, zes officieren en vijfentwintig matrozen en onderofficieren op de trein naar Pretoria, waar de regering van de nieuwe unie zetelde. In Pretoria volgde een feestelijke ontvangst, een bezoek aan het graf van president Paul Kruger en een reeks aan recepties en diners. Tijdens een tafelrede ging de Zuid-Afrikaanse generaal Christiaan Frederik Beyers, die in de Boerenoorlog aan de zijde van de Zuid-Afrikaansche Republiek had gevochten, in op de oude banden tussen Nederland en Zuid-Afrika en hij sprak zijn dank uit voor de Nederlandse steun tijdens de Boerenoorlog.

Na drie dagen in Pretoria gingen Bauduin en zijn mannen naar Johannesburg waar wederom een grootse ontvangst volgde en de Robinson Deep Gold Mine werd bezocht. Op 27 januari verlieten de Nederlanders de goudstad. Zij namen de trein terug naar Durban waar zij zich weer inscheepten. De Zeven Provinciën vetrok vervolgens naar Batavia, waarmee een eind kwam aan het feestelijke bezoek. De enige smet op het het verder rimpelloos verlopen bezoek was het te laat komen van de Nederlanders voor het oorspronkelijke doel: de opening van het parlement van de Unie van Zuid-Afrika.


De foto’s zijn afkomstig uit de collectie van het Nederlands Instituut voor Militaire Historie.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s